Skip to content

Tussen twee vuren

Tussen twee vuren

Tussen twee vuren

Else gaat aan het eind van de Tweede Wereldoorlog met een groep Amsterdamse kinderen logeren op Texel om op het eiland ‘bij te komen’. Ze komt terecht bij een boerenfamilie die haar en nog een ander meisje liefderijk opneemt. Maar van bijkomen is helaas geen sprake. In april 1945 vindt op Texel de opstand van de Georgiérs tegen de Duitsers plaats. Else en de familie bij wie zij logeert, komen tussen de strijdende partijen te zitten. Het leven van iedereen zal door de verschrikkelijke gebeurtenissen die volgen voorgoed veranderen.

‘Sommige kinderen begonnen te schreeuwen en te huilen. Ik zag de middelste wagen in brand staan. In het wegdek achter onze wagen was een groot, diep gat geslagen. Een meisje van een jaar of acht holde in paniek de weg op en schreeuwde: ‘Ik bloed, ik bloed!’ Ze had een diepe snee in haar voorhoofd en het bloed liep in haar ogen. Met haar handen veegde ze het weg en raakte nog meer in paniek toen ze haar bebloede handen zag.’